Standpunten

De relatie tussen Raad en College in Leudal

Een voorstel om tot betere verhoudingen te komen

g 30 b 2018 - Thieu Wagemans

 

 

 

Aan:  Raad Leudal

Cc: College

Heythuysen, 28 november 2018

Betreft: functioneren Raad in relatie met College

Beste dames, heren, 

Op 27 november jl. woonde ik als toehoorder de vergadering bij van de Commissie Fysiek. Daarin kwamen, zoals gewoonlijk, tal van zaken aan de orde. Nu gaat het mij niet om inhoudelijke aspecten van diverse agendapunten maar de reden voor deze brief heeft te maken met uitspraken die tijdens de Commissievergadering zijn gedaan over de positie van de Raad van Leudal in relatie tot het College.

 

Aanleiding vormt o.a. de discussie over legalisatie van een bedrijfsgebouw in Heythuysen waarbij aanmerkelijk is afgeweken van het Bestemmingsplan en bouwvergunning. Tijdens de behandeling van dit onderwerp kwam de vraag aan de orde of het College handelde in strijd met het door de Raad vastgestelde handhavingsbeleid en met het gesloten Coalitieakkoord. Maar ook werd gesteld dat de Raad er vooral is om algemene beleidskaders vast te stellen en dat raadsleden zich niet moeten bezig houden met individuele gevallen. Dat zou de Raad aan het College moeten overlaten dat immers functioneert als Dagelijks Bestuur van de gemeente. Mijn ervaring is dat verschil van opvatting over deze vraag telkens weer opduikt en bron is van ergernis waardoor onderlinge verhoudingen kunnen worden verstoord. Ten diepste is aan de orde of raadsleden andere raadsleden wel of niet mogen beletten hun raadswerk uit te voeren op een wijze die men wenselijk en noodzakelijk acht.

In dat verband is allereerst van belang dat een raadslid op basis van de wet drie verantwoordelijkheden heeft:

  1. Het vaststellen van algemene beleidskaders
  2. Het vertegenwoordigen van burgers
  3. Het controleren van het College

 

Daarbij verdienen de volgende opmerkingen aandacht.

Herhaaldelijk is op basis van landelijk onderzoek vastgesteld dat de controlerende taak en vooral ook de taak van volksvertegenwoordiging te weinig aandacht krijgt en dat raadsleden zich vooral bezighouden met het vaststellen van beleidsdocumenten.      

Op de tweede plaats is er ook sprake van een merkwaardige en pijnlijke tegenstelling. Burgers interesseren zich doorgaans veel minder voor algemene beleidsverhalen maar des te meer voor hoe die beleidsdocumenten concreet uitwerken in hun eigen situatie. Raadsleden kunnen daarentegen de neiging hebben zich vooral te concentreren op beleidsdocumenten en geen oog hebben voor de consequenties ervan voor burgers omdat men dat een aangelegenheid van het College vindt. Het kan leiden tot een situatie waarin (toekomstige) raadsleden zich in de maand voorafgaand aan de verkiezingen voor burgers interesseren waarna men 47 maanden lang burgers doorverwijst naar het College en zelf niet aanspreekbaar wenst te zijn.

Op de derde plaats hebben beleidsdocumenten op zichzelf slechts papieren waarde. Het gaat om de werking en de consequenties ervan: hoe wordt het beleid in de praktijk van alledag uitgevoerd? De uitvoering bepaalt wat de consequenties van vastgesteld beleid zijn voor burgers en of het College handelt in overeenstemming met de inhoud en strekking van vastgesteld beleid.            

Zich beperken tot het vaststellen van beleidsnota’s betekent dat raadsleden in het ergste geval vooral veredelde papierverplaatsers worden en daarmee de uitgangspunten van een democratisch systeem met voeten treden. Dat geldt in het bijzonder voor de functie van volksvertegenwoordiger.

 

Mijn oproep is om dit onderwerp en de vragen daaromheen onderwerp te doen zijn van een aparte openbare Raadsvergadering. Het gaat om principiële vragen die juist in een periode dat geen verkiezingen aanstaande zijn, het beste kunnen worden besproken. Daarbij is niet eens aan de orde of alle leden van de Gemeenteraad daarbij tot eensgezinde opvattingen komen. Sterker nog, verschillen van opvatting horen tot de kern van een democratische rechtsorde. Wel is aan de orde of wij elkaar onderling de ruimte gunnen ons raadslidmaatschap in te vullen in overeenstemming met de inspiratie en overtuigingen die ons ertoe hebben aangezet politiek actief te worden.

Overigens, het bovenstaande is geen pleidooi voor een situatie waarin de Raad vergaderingen van het College nog eens dunnetjes over doet. Vertrouwen blijft de basis van ons politiek systeem. Wel is aan de orde dat het kritisch volgen van het College even vanzelfsprekend moet zijn voor coalitie als oppositie.

Ik hoop dat deze brief de steun krijgt en de actie genereert die in mijn ogen dringend nodig is.

Met vriendelijke groet,

Thieu Wagemans, Raadslid Ronduit Open, Leudal